In Nederland zijn er verschillende soorten cerclages die geplaatst kunnen worden; de trans-vaginale cerclage (via vagina) en de abdominale cerclage (via buik). In deze blog beschrijven we de trans-vaginale cerclage; wat houdt dit in en wat kan je ongeveer verwachten van de ingreep.

De cerclage wordt meestal geplaatst als er aanwijzingen zijn voor een zwakke baarmoedermond (cervixinsufficiëntie). Dit kan preventief geplaatst worden (meestal rond de 14 weken zwangerschap) en soms wordt er een spoedcerclage geplaatst. Dat laatste wordt gedaan als er sprake is van een dreigende vroeggeboorte ten gevolgen van een zwakke baarmoedermond.

Het plaatsen van een cerclage wordt op advies van een gynaecoloog gedaan en in overleg met de patiënt. Een cerclage is een draad wat door de baarmoedermond geregen wordt. Ooit werd ons een knikkerzak als voorbeeld geven. Bovenaan zit een koord en om de knikkerzak te sluiten trek je met het koord de zak dicht. Dit is eigenlijk ook wat er gebeurd met de baarmoedermond. Door het draad wordt de baarmoedermond dichtgehouden. Op deze manier wordt geprobeerd een vroeggeboorte te voorkomen.

Het plaatsen van een cerclage zal in de meeste gevallen onder volledige narcose plaatsvinden. Dit is niet schadelijk voor het kindje. Voor het plaatsen van een preventieve cerclage wordt een datum vastgesteld en voor deze datum zal er nog een gesprek plaatsvinden met de anesthesist. Deze bespreekt met jou de narcose.

Op de datum zelf meld je je op de afdeling. Daar zal je klaargemaakt worden voor de OK. Je krijgt een operatiejas aan en vaak wordt er ook alvast een infuus geprikt. Als de OK vrij is, word je daarheen gebracht. Daar staat een heel team klaar die gaan helpen met de ingreep. Er wordt verzocht om je van je bed te verplaatsen naar de operatietafel. Hier wordt je verder klaargemaakt voor de ingreep. Als iedereen klaar is, is er een ‘time-out’. Op dit moment vindt er een controle plaats. Vaak zal je geboortedatum gevraagd worden en of je kort kunt uitleggen wat ze gaan doen. Als dit allemaal klopt, wordt er een vloeistof in je infuus gespoten waardoor je in slaap valt. Soms merk je nog dat er een zuurstofkapje op je gezicht gezet wordt om je te voorzien van wat extra zuurstof.

Na de ingreep wordt je wakker op de uitslaapkamer (verkoeverkamer). Hier laten ze rustig wakker worden en kijken ze wat ze kunnen doen om je zo comfortabel mogelijk te maken. Zo kun je iets tegen de pijn of misselijkheid krijgen. Als je stabiel, voldoende wakker en comfortabel genoeg bent, wordt je weer overgebracht naar de afdeling. Hier mag je rustig verder ontwaken. Als het (eventuele) bloedverlies binnen de grenzen is, de pijn goed te doen (eventueel met medicatie) en je kan weer zelf uit bed en naar het toilet dan mag je in principe naar huis. Mocht je twijfelen over hoe je je voelt of ben je ongerust, dan mag je vaak een nachtje blijven. Je kan dit altijd bespreken met de verpleegkundige of de arts.

Ook de dagen erna kan je wat bloedverlies en/of buikkrampen hebben. Dit is normaal. Maak je je zorgen hierover of verergeren deze klachten dan is het goed om even te overleggen met de verpleegkundige/arts. Ook bij koorts moet je contact opnemen.

Thuis is het advies om het rustig aan te doen. Bedrust wordt over het algemeen niet geadviseerd, maar kijk vooral naar waar jij je goed bij voelt. De rest van de zwangerschap volgen er regelmatig controles bij de gynaecoloog.

Het plaatsen van een cerclage en de weken daarna zijn erg spannend. Het is moeilijk om niet bij elk pijntje in de stress te schieten. De dagen en weken lijken soms langer te duren dan normaal. Om je zelfverzekerder te voelen en zo min mogelijk stress te ervaren kan lotgenotencontact je helpen. Het is soms fijn om je verhaal en de daarbij behorende spanningen te delen met vrouwen die in een soortgelijke situatie zitten of hebben gezetten en je kan je gesterkt voelen dat je (helaas) niet de enige bent in dit traject.

Op onze facebookpagina is een besloten groep waarin lotgenoten elkaar kunnen opzoeken. Er is ook een topic over cerclages. Kijk eens op Facebook